Sneeuwgors bij de Hos op Texel door Adriaan Dijksen.

De sneeuwgors

Wat maakt de sneeuwgors zo interessant, naast dat hij weinig gezien wordt? Het is de enige zangvogel, die zo noordelijk kan broeden, tot vlak onder de Noordpool, zoals op IJsland, Groenland en in het noorden van Scandinavië.

Sneeuwgorzen komen vanaf eind september tot eind maart in Nederland overwinteren, op de Wadden en soms langs de Friese en Groningse dijken. Volgens duinconsulenten op Texel, Adriaan en Sytske Dijksen, zijn ze af en toe ook waar te nemen aan de zuidkant van de pier in IJmuiden of richting Zeeland, maar zuidelijker dan Nederland komen ze niet.

Kustbewoners

Sneeuwgorzen kun je vooral vinden in het waddengebied met lage duinen, kwelders, zeereep zoals de Slufter en de Hors. Je moet wel binnen 500 meter van de kust blijven, anders zie je ze niet. Op het gewone strand kom je de sneeuwgors niet tegen: te druk, vooral vanwege loslopende honden die niet onder appèl staan en achter de vogels aangaan.

Een herkenbare vogel

Sneeuwgorzen zijn familie van de geelgors en de rietgors die ook in het duingebied voorkomen. Het zijn vooral zaadeters, ze scharrelen als muizen rond de planten, op zoek naar zaden van de zeeraket, helm, biestarwegras of ander eetbaars in het aanspoelsel. Hun winterkleed is rossig geelbruin, maar als ze van de grond opvliegen en laag blijven, zie je het vele wit op de bovenvleugels. Je weet dan gelijk dat het een sneeuwgors is. In het hoge noorden broeden ze in kale rotsachtige gebieden, soms in kleine aardholen en soms in kunstmatige holen. In de hoog noordelijke Siberische dorpen worden wel nestkastjes voor ze opgehangen, waar ze ook in broeden. Adriaan Dijksen: ‘dat hebben we daar zelf gezien en verwacht je niet snel van een gors’.

Een IJslandse wintergast

De sneeuwgors (Plectrophenax nivalis) die in Nederland overwintert, komt uit IJsland, via Engeland, waar ze trouwens niet blijven. Het zit in hun genen om richting de Wadden te gaan. De sneeuwgors uit Groenland gaat richting Scandinavië en de sneeuwgorzen uit Scandinavië overwinteren in het zuiden van Scandinavië. Soms trekken ze zelfs door naar de Zwarte Zee. Klimaatverandering lijkt niet erg hun gedrag te beïnvloeden. De landelijke aantallen schommelen van jaar tot jaar en in een goed jaar zullen enkele duizenden sneeuwgorzen in Nederland verblijven. Kortom, een innemende wintergast.