Search
Close this search box.

Gestelde natuurdoelen zijn onontkoombaar

Door Arthur.
Arthur.

Op 10 juni j.l. presenteerde het kabinet Rutte haar plannen voor de aanpak van de stikstofcrisis. De minister voor Natuur en Stikstof presenteerde de Startnotitie Nationaal Programma Landelijk Gebied en de minister voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit schreef een brief van 49 kantjes over de toekomstperspectieven voor agrarisch ondernemers.

Klare taal

Met name de startnotitie van de minister voor Natuur en Stikstof trok de aandacht in de pers. En de algemene indruk is, dat deze minister niet terugschrikt voor klare taal: om de problemen op het gebied van natuur, water en klimaat op te lossen zal de landbouw fundamenteel moeten veranderen. En om de gestelde doelen te halen zal de landbouw fors moeten inkrimpen en moeten omschakelen naar een kringlooplandbouw. De minister noemt de gestelde natuurdoelen “onontkoombaar”. Voor de transitie van het landelijk gebied is (tot 2035) een bedrag beschikbaar van 24 miljard euro.

Voor het realiseren van het beleid is de minister afhankelijk van provincies, gebiedspartijen en grondeigenaren. Uiterlijk 1 juli 2023 dienen de provincies in gebiedsprogramma’s aan te geven op welke wijze zij een bijdrage kunnen leveren aan het bereiken van de gestelde doelen en het terugdringen van de stikstofdepositie.

Forse reductie

In de startnotitie presenteert de minister een uitwerking van de landelijke doelstelling om te komen tot een forse reductie van de stikstofdepositie. Volgens deze doelen moet in 2030 in 74% van het areaal Natura 2000-gebieden de stikstofdepositie onder de kritische depositie waarde liggen.

Om deze uitwerking inzichtelijk te maken, is bij de startnotitie een kaart gevoegd. Hierop is te zien, dat de stikstofemissie rond de Natura 2000-gebied met 70% omlaag moet. Buiten deze zone van 1 km ligt de opgave voor de emissiereductie tussen de 12% en 47%. Dit betreft de emissiereductie door uitstoot van NH3 vanuit de landbouw.

Voor de beperking van de emissie van NOx vanuit de industrie, mobiliteit en bouw bereidt de minister generieke maatregelen voor. Dit betreft maatregelen die landelijk gaan gelden. Wel vraagt de minister aan de provincies om te letten op piekbelastingen van NOx emissie (b.v. Tata Steel of Schiphol?) en die in het gebiedsproces mee te nemen.

Landschapsgronden

Voor het duingebied betekent dit, dat met name de landbouw (maar ook de paardenhouderij) langs de binnenduinrand niet ontkomt aan een omschakeling in de bedrijfsvoering. Dit betekent verplaatsing van de bedrijfsgebouwen of zelfs het volledige bedrijf. Maar ook extensivering van de bedrijfsvoering (of innovatie) zou een optie kunnen zijn. De minister komt op dat punt nog met een uitwerking van de zgn. landschapsgronden. Dit zijn gronden die in eigendom zijn van agrariërs, maar die zeer extensief worden gebruikt.

Alert blijven

Om deze hele transitie langs de binnenduinrand goed te laten verlopen zullen we als Stichting Duinbehoud alert moeten blijven. Bijvoorbeeld om te voorkomen dat projectontwikkelaars hun kans grijpen en agrarische gronden gaan opkopen voor de bouw van vakantieparken en villa’s.

Gerelateerde berichten

We stappen wat ongemakkelijk in de 4-wheel drive van duinconsulent en vogelwachter Marcel Fennis. Het voelt vreemd om het strand op te rijden met een dieselauto, maar het is voor de goede zaak!
De setting: Een tafel op het strand bij de vloedlijn met twee stoelen en een schemerlamp. Schrijfster Elizabeth van den Dries neemt plaats op de ene stoel. Nu maar afwachten wat er gebeurt.
Voor veel vogels breekt het broedseizoen aan, een stressvolle periode. Vogels zijn nu kwetsbaar, strandbroeders  – die hun eieren op onze stranden leggen  – zo mogelijk nog meer.