Nu te zien: de levendbarende hagedis

Nu te zien: de levendbarende hagedis

Levendbarende hagedis door Nico van Kappel
Levendbarende hagedis door Nico van Kappel

Net ontwaakt uit de winterslaap en met een beetje geluk nu te zien: de levendbarende hagedis. Niet te verwarren met de zandhagedis die veel algemener voorkomt in het Nederlands duingebied. De levendbarende hagedis behoort tot de kleinste reptielsoort van Nederland. Gemiddeld wordt hij 13 tot 14 cm lang en drie tot vier jaar oud. In de koude leefgebieden van Noord-Europa en Rusland tot aan het warme Middellandse Zee gebied voelt hij zich thuis. In Nederland gedijt hij goed in het binnenduin met lage begroeiing.

Leefgebied van de levenbarende hagedis

Vanaf begin april komt deze hagedis tevoorschijn om te paren. Zoals de naam al aangeeft brengt dit reptiel haar nakomelingen op een bijzondere manier ter wereld. Het vrouwtjesdier legt vanaf eind juli tot eind augustus 3 tot 8 eieren. De jongen werken zich vervolgens door de schaal naar buiten. Deze hagedis voedt zich voornamelijk met insecten en ook wel met slakken en wormen. Zijn natuurlijke vijanden zijn vooral roofvogels en kraaien, in mindere mate vossen, slangen, honden en katten.

De duinen van Terschelling en Zeeland

Staart levendbarende hagedis door Nico van Kappel
Staart levendbarende hagedis door Nico van Kappel

Je komt dit reptiel vooral tegen in een vochtig gebied met open begroeiing, zoals op de zand-, heide- en veengronden in het oosten en zuiden van ons land; in duingebied alleen in Zeeland en op Terschelling. De Zeeuwse duinconsulent John Beijersbergen heeft er een geoefend oog voor ontwikkeld. “Bij ons op Schouwen vormen de oude binnenduinen een geschikt leefgebied. En ook in de stenige omgeving van de oude dijken voelt hij zich thuis. Je krijgt hem meestal te zien als hij zich koestert in de zon. In deze tijd van het jaar let ik er in het bijzonder op.”

Naderende wandelaar

Op een zonnige dag in de lente of zomer trekt dit reptiel er graag op uit. Vooral op de eerste zonnige dag na een regenperiode. Met een beetje geluk kun je de levendbarende hagedis zien of horen. Vaak beperkt de waarneming zich wel tot geritsel, want zodra hij de bodemtrillingen voelt van een naderende wandelaar schiet dit vliegensvlugge beestje weg.

Versnippering en stikstofneerslag

De levendbarende hagedis is een kwetsbare soort die in aantal gestaag afneemt. Hij staat vermeld op de Rode Lijst van bedreigde diersoorten. Versnippering van de leefgebieden en toename van hoog struweel door stikstofneerslag zijn de grootste bedreigingen.

Wat doet Duinbehoud?

Stichting Duinbehoud zet zich in om het leefgebied van de levendbarende hagedis te verbeteren door:

  • Het openhouden van vochtige duinvalleien door maaien en klepelen.
  • Het realiseren van ecologische verbindingen, bijvoorbeeld over de dammen tussen de (schier)eilanden van de Zeeuwse Delta.
Reimer Bekius: Strijdbare activist voor de duinen

Reimer Bekius: Strijdbare activist voor de duinen

Reimer Bekius
Reimer Bekius

Reimer Bekius geeft het stokje over

Het grondwaterpeil in de Grafelijkheidsduinen weer op het niveau van rond 1900 en de terugkeer van oorspronkelijke duinvegetatie. Reimer Bekius maakt bij zijn afzwaaien als duinconsulent de balans op. Maar hij telt niet uitsluitend de zegeningen. “Als actievoerder heb je ook te maken met frustratie, als je minder succes hebt dan gehoopt.”

Strijdbare activist voor de duinen, 45 jaar lang

Als docent biologie droeg Reimer 33 jaar lang kennis van en interesse voor de natuur over aan Helderse middelbare scholieren. Het leven buiten de schoolmuren speelde zich vooral af in de duinen. Met een scherp oog hield hij als consulent van de Stichting Duinbehoud 45 jaar lang de duinnatuur in de gaten, van de Huisduinen tot en met de Noordduinen bij Julianadorp. Grote veranderingen voltrokken zich, zoals het staken van de waterwinning en het afgraven van de stikstofrijke bovenlaag van de bodem in de Grafelijkheidsduinen. “Vegetatie die thuishoort in de duinen, is daardoor teruggekeerd”, aldus Reimer. “En het grondwater staat nu weer op hetzelfde peil als in 1900.”

Unieke populatie tapuiten

Tapuit door Adriaan Dijksen, Foto Fitis
Tapuit door Adriaan Dijksen, Foto Fitis

Opmerkelijk in de Grafelijksheids- en Noordduinen is de aanwezigheid van de tapuit. Nergens in Nederland vind je zoveel broedparen van deze zeldzame vogel. Het is de ‘bijvangst’ van het ontplaggen en begrazen. Dat heeft een open, zanderig duinlandschap opgeleverd, waar konijnen goed gedijen. En ook de tapuit, want die broedt in konijnenholen. De populatie is zelfs gegroeid. Dit is uniek in Nederland.

Strijd tegen lichtvervuiling

Als duinconsulent heeft Reimer zich vooral toegelegd op actievoeren, onder andere tegen lichtvervuiling in de natuur. Met succes. Stonden aanvankelijk álle strandopgangen op de nominatie om te worden verlicht, dat is uiteindelijk beperkt gebleven tot de opgang bij Julianadorp.

Tennisbaanverlichting tegenhouden aan de rand van de duinen in Julianadorp is niet gelukt. En dat knaagt nog steeds. “Vooral de vleermuis is er de dupe van. Dergelijke verstorende verlichting aan de rand van een natuurgebied is niet meer van deze tijd. De minder plezierige kant van actievoeren is wanneer je niet bereikt waarop je had gehoopt.”

Samen optrekken

Wat tientallen jaren knokken voor de duinen heeft opgeleverd? Reimer: “De kracht van Stichting Duinbehoud ligt in het gezamenlijk optrekken met andere natuur- en milieuorganisaties waardoor drinkwaterwinning in de duinen is gestaakt of nu gebeurt op een natuurvriendelijke manier. En de stikstofoverlast staat nu echt op de agenda bij beleidsmakers.”

Marcel Wijnalda
Marcel Wijnalda

Nieuw in de Helderse duinen: Marcel Wijnalda

Texel is zijn basis, maar met een been staat Marcel Wijnalda op het vaste land van Den Helder, waar hij werkt voor duurzaamheidscentrum de Helderse Vallei. Hij volgt Reimer Bekius op als consulent van de Stichting Duinbehoud. Als vrijwillige boswachter van Natuurmonumenten, natuurgids van IVN, Texelgids (‘Txgids’) en Werelderfgoedgids voor de Waddenvereniging, stroomt zout water door Marcels aderen. Zijn verleden als onderwijzer zet hij in voor natuureducatie. Marcel: “Daar ligt voor mij als duinconsulent een taak. Recreatie in goede banen leiden beschouw ik als een speerpunt. Het eist zijn deel op in onze natuur en is nauwelijks terug te dringen. Maar we kunnen recreatie wel in goede banen leiden en bezoekers ervan overtuigen de natuur te ontzien.

Het project Het Groene Strand uitdragen en mensen overtuigen van de noodzaak ervan, zie ik als een belangrijke taak.” Het Groene Strand is een samenwerking tussen Stichting Duinbehoud, Landschap Noord-Holland (LandschappenNL), IVN Natuureducatie, de Vogelbescherming en Stichting Anemoon om de natuur en natuurbeleving terug te brengen op de Nederlandse stranden. Het Groene Strand is mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Nationale Postcode Loterij.

Formule 1 rampzalig voor de natuur

Formule 1 rampzalig voor de natuur

Circuit Zandvoort
Circuit Zandvoort

Effect Formule 1 veel groter dan gedacht

Het effect van de Formule 1-race van Zandvoort op de natuur in het naastliggende duingebied is veel groter dan tot voor kort werd aangenomen. Dat blijkt uit de nieuwste berekeningen van de stikstofdepositie van de raceactiviteiten op het Circuit van Zandvoort. De berekeningen zijn uitgevoerd door bureau Apollon-milieu in opdracht van de natuurorganisaties Stichting Duinbehoud, Rust bij de Kust en Mobilisation for the Environment.

Stikstofberekeningen kloppen niet

De natuurorganisaties waren al eerder bij de rechtbank Noord-Holland in beroep gegaan tegen de natuurvergunning voor de Formule 1 in Zandvoort. Tijdens de beroepszaak uitten zij hun bedenkingen bij de stikstofberekeningen van het Circuit Park Zandvoort. Die berekeningen laten zien dat er met de komst van de Formule 1 minder stikstof neerkomt in het duingebied dan in de oude situatie.

Voor de provincie Noord-Holland was de veronderstelde afname van de stikstofdepositie reden om een vergunning af te geven aan het Circuit Park Zandvoort. De natuurorganisaties plaatsten echter grote vraagtekens bij de berekeningen, omdat Formule 1-raceauto’s bekendstaan om hun hoge stikstofuitstoot.

Veel te hoge stikstofdepositie

Uit de nieuwe berekeningen van Apollon-milieu blijkt dat voor de stikstofuitstoot van Formule 1-raceauto’s onjuiste getallen zijn gebruikt. Er is gerekend met de uitstoot van Amerikaanse auto’s uit de jaren 50. De raceauto’s van nu rijden sneller en hebben een groter motorvermogen. Daardoor hebben ze een veel hogere uitstoot van stikstof. De berekeningen van Apollon-milieu laten zien dat de stikstofdepositie op het duingebied niet afneemt, maar jaarlijks kan toenemen met meer dan 20 mol per hectare. Dit is een toename van meer dan 15% ten opzichte van de huidige situatie. Voor het duingebied, dat nu al last heeft van een veel te hoge stikstofdepositie, is dat desastreus. De biodiversiteit in het gebied gaat nog verder achteruit.

Rechtbank aan zet

De natuurorganisaties hebben het rapport van Apollon-milieu toegevoegd aan het dossier in de lopende beroepszaak bij de rechtbank Noord-Holland. De rechtbank moet beoordelen welke van de twee berekeningen het best de realiteit weergeeft. Zie onderstaande linkjes voor de Aeriusberekening Apollon & de samenvatting van het rapport:

Duinbehoud ondersteunt bewoners in hun acties tegen Tata Steel

Duinbehoud ondersteunt bewoners in hun acties tegen Tata Steel

Tata Steel vanuit de Kennemerduinen door Piet Veel
Tata Steel vanuit de Kennemerduinen door Piet Veel

De vraag lag al langer op tafel: moet Duinbehoud niet in actie komen tegen de grootvervuiler Tata Steel in Velsen-Noord?

Grote uitstoot CO2 en chemische stoffen

Door de grote hoeveelheid CO2-uitstoot en vervuiling van de omgeving met roet en chemische stoffen staat Tata Steel al lange tijd bekend als grote vervuiler. Ook is het bedrijf regelmatig negatief in het nieuws met “bedrijfsongelukken” veroorzaakt door het overtreden van de vergunningvoorschriften, zoals onlangs nog met de zwarte laag steenkoolgruis op de witte sneeuw.

Zwarte sneeuw bij TataSteel - AD 15-2-2021
Zwarte sneeuw bij Tata Steel – AD 15-2-2021

De actie van omwonenden om strafpleiter Benedicte Ficq in te schakelen voor een rechtszaak tegen Tata Steel is voor Duinbehoud aanleiding om ook actie te ondernemen en zich aan te sluiten bij de bewoners. Deze strafzaak biedt de mogelijkheid om de leidinggevende personen binnen Tata Steel ter verantwoording te roepen voor het jarenlange mismanagement en het bewust vervuilen van de omgeving.

Ernstige vervuiling

Omwonenden klagen al jaren, maar verbeteringen werden slechts mondjesmaat doorgevoerd. Het bevoegd gezag, de provincie Noord-Holland, heeft afgelopen jaren onvoldoende grip kunnen krijgen op het naleven van de vergunningvoorschriften. Op het bedrijfsterrein liggen diverse afvalbergen en bodemverontreinigingen die nodig gesaneerd moeten worden, waaronder een grote afvalberg van oxykalkslik en de onlangs gesignaleerde bodemverontreiniging met benzeen en cyanide.  Voor de natuur in de duinen speelt nog een extra argument: Tata Steel is een bedrijf met verreweg de grootste uitstoot van stikstof in Nederland. Deze stikstof zorgt voor verruiging van het duingebied en verlies van biodiversiteit in het Natura 2000 gebied. Met een uitstoot van circa 1,7 miljoen kg stikstof per jaar stoot Tata Steel net zoveel stikstof uit als 600 agrarische bedrijven of 6 energiecentrales.

Aanpak

Voor de aanpak van de milieuproblemen bij Tata Steel bestaan wel plannen. Het bedrijf heeft een Programma Tata Steel 2020-2050 met daarin onder andere de omschakeling van het gebruik van gas en kolen naar waterstof. Dat is natuurlijk goed nieuws voor de lange termijn. En ook de bouw van een zogenaamde denox-installatie staat in de lange termijn plannen. Daarmee wordt de stikstof uit de rookgassen gewassen, wat positief is voor de natuur in de duinen. Maar de uitvoering van deze plannen verloopt naar de mening van omwonenden en Duinbehoud veel en veel te traag. Er is bestuurlijke en juridische druk nodig om op korte termijn te komen tot oplossingen en uitvoeringsmaatregelen. Een gang naar de rechter kan daarbij helpen.

Stage bij de Stichting Duinbehoud

Stage bij de Stichting Duinbehoud

Even voorstellen

Mijn naam is Talitha van den brink. Momenteel ben ik bezig met mijn vierde jaar als student bos- en natuurbeheer aan Hogeschool Van Hall Larenstein. Voor deze studie ben ik mij aan het specialiseren op het gebied van mensen en de natuur. Hiervoor volg ik ook de major Mens en Natuur op de hogeschool.

Mens en natuur

Naast mijn interesse in mensen en de natuur heb ik ook een voorliefde voor landschapsgeschiedenis. Hiervoor heb ik dan ook een minor gedaan op het gebied van landschappen met geschiedenis ontwikkelen. Net als bij de major Mens en Natuur was het onderdeel mensen in deze minor belangrijk. Het verbinden van mensen en natuur is dan ook de rode draad gebleken in mijn studie.

Duinen

Voor mijn major is het van belang om een stage te lopen waarin je ervaring kan opdoen op het gebied van communicatie, participatie en educatie. Toen ik de vacature van Stichting Duinbehoud zag waarbij er een stagiair voor de communicatie werd gevraagd twijfelde ik dan ook geen moment om contact op te nemen. Daarnaast heb ik een voorliefde voor het duinlandschap, ondanks dat ik hier niet vandaan kom of in de buurt woon. Deze liefde voor het duingebied komt vanuit mijn jeugd. Als kind brachten wij als gezin veel tijd door op Texel, waar ik veel in de duinen wandelde en speelde.

Tijdens de opleiding kwam het duinlandschap slechts kort aan bod. Ook dit was voor mij een reden om een stage te zoeken waarbij de duinen centraal staan. Dit alles maakt dat ik de afgelopen 10 weken actief ben geweest als stagiair bij Stichting Duinbehoud.

Stikstof en communicatie

Tijdens mijn stage hield ik mij bezig met verschillende werkzaamheden op het gebied van communicatie. Eén van deze werkzaamheden was de basis leggen voor een communicatieplan. Tijdens mijn stage ben ik voornamelijk  met dit onderdeel bezig geweest. Voorafgaand aan dit proces heb ik de sociale media van de stichting geanalyseerd en de donateurs geïnventariseerd. Ook heb ik gekeken naar de (potentiële) doelgroepen van de stichting. Deze bevindingen heb ik gedeeld met het communicatieteam van de stichting om zo, samen met de ideeën van mijn collega’s, te komen tot een betere structuur in de communicatie.

Ook ben ik bezig geweest met een onderzoek. Dit onderzoek stond in het teken van de communicatie over de stikstofproblematiek in de duinen. Hiervoor heb ik natuurorganisaties die actief zijn duinen geïnterviewd en online bronnen over de stikstofproblematiek in de duinen geanalyseerd. De bevindingen hierbij hebben geresulteerd tot een beeld hoe natuurorganisaties communiceren over de stikstofproblematiek in duinen.

Ervaring

Tijdens de stage heb ik verschillende nieuwe ervaringen opgedaan. Het was spijtig dat door de corona mijn stage zich voornamelijk vanuit huis bevond. Gelukkig kon het overleg met het communicatieteam nog wel fysiek plaats vinden. Na dit overleg hebben wij vervolgens nog een bezoek gebracht aan de Coepelduynen. Het hoogte punt daarbij was een prachtige velduil die langs kwam vliegen. Daarnaast ben ik ook nog voor mijn onderzoek met een boswachter van PWN door het duingebied Zuid-Kennemerland gefietst. Dus ondanks dat ik veel vanuit huis heb gewerkt ben ik zodoende toch nog in de duinen geweest.

De werkzaamheden die ik daarnaast heb mogen uitvoeren waren onderdelen die nog niet tijdens mijn opleiding aanbod waren gekomen. Dit heeft ervoor gezorgd dat ik voornamelijk op communicatie gebied nu meer kennis en ervaring heb opgedaan. De goede begeleiding vanuit de Stichting Duinbehoud zorgde ervoor dat de stage vanuit huis zonder problemen verliep. Het is jammer dat de tien weken alweer om zijn. Ik vond de werkzaamheden die ik mocht uitvoeren leuk en leerzaam. Ook heb ik mogen ervaren hoeveel kennis en passie er voor de kust en duinen is binnen de Stichting Duinbehoud.

0
    0
    Winkelmand
    Winkelmand is leegVerder winkelen