Zorgen over de teruggang van de biodiversiteit in de duinen

Zaterdag 18 september 2021 gaat de boeken in als de eerste Dag van de Duinen, een initiatief van Stichting Duinbehoud. De dag startte met een symposium rond het thema biodiversiteit. Precies om 10 uur opende Koos Biesmeijer, wetenschappelijk directeur van Naturalis, deze bijeenkomst met de pakkende uitroep: ‘Nederland is niets zonder de duinen!’

Als echte liefhebber van de duinen ben ik het daar helemaal mee eens en ik vermoed de meerderheid van de veertig deelnemers (helaas beperkt vanwege de Corona-regels) aan deze bijeenkomst ook. Dick Groenendijk, ecoloog bij PWN, benadrukte in zijn voordracht hoe bijzonder onze duinen zijn door ons een beeld te laten voorstellen van Europa van de kustlijn tot aan Moskou. ‘In de eerste kilometers vanaf de zee gebeurt er van alles, er is veel dynamiek en veel variatie; meer naar het oosten ligt het landschap min of meer vast. Dat maakt de duinen magisch en fascinerend.’

Luc Geelen

Hij en ook Luc Geelen, adviseur natuurbeheer Waternet, benadrukte de enorme biodiversiteit in de duinen: het overgrote deel (70%) van de Nederlandse flora en fauna leeft in de duinen, terwijl de duinen slechts 2% van het Nederlands grondoppervlak beslaan!

Toch overheersen de zorgen bij het vijftal sprekers deze ochtend. De biodiversiteit loopt wel heel snel terug en de grote vraag is of we het tij nog kunnen keren.

Terwijl mobiliteit en dynamiek essentieel zijn voor gezonde duinen en voor het behoud van de biodiversiteit zijn volgens Luc in heel Europa de duinen stabiel geworden. Dat leidt tot verarming van het duingebied en maakt ingrijpen noodzakelijk. In het hele duingebied wordt er alles aan gedaan om duinen weer te laten stuiven. In dit proces is er sprake van voortschrijdend inzicht. Zo zag men in, dat grootschalig ingrijpen ook schade veroorzaakt en wordt er nu meer en meer gewerkt aan kleinschalige projecten én meer op maat. Daarnaast werd duidelijk dat verstuiving ook weer op natuurlijke wijze op gang kan komen. Zeker in de kalkrijke duinen.

Annemieke Kooijman

Bij Annemieke Kooijman van het Institute for Biodiversity and Ecosystem Dynamics van de Universiteit van Amsterdam, hoorde ik meer over de kalkrijke en kalkarme duingebieden en de invloed van de stikstofdepositie.
Voorop staat dat de stikstofdepositie nog steeds veel te hoog is (wij staan bovenaan de lijst in Europa), maar in vergelijking met de piek in de jaren negentig met de helft verminderd is.

Alhoewel de hoeveelheid stikstof nog drastisch verminderd moet worden gaat het voor de kalkrijke duinen (grofweg het gebied ten zuiden van Bergen/Noord-Holland) de goede kant op. Dat is niet zo voor de kalkarme duinen (ten noorden van Bergen en de Waddeneilanden). Dat heeft alles te maken met de samenstelling van de bodem en de beschikbaarheid van fosfor voor planten. Als fosfor gefixeerd is in de bodem en slecht beschikbaar is voor planten, dan heeft de stikstofdepositie minder effect. Van alleen stikstof kunnen planten niet leven, ze hebben ook fosfor nodig. In kalkrijke duingebieden is fosfor gefixeerd vanwege de lage zuurgraad van de bodem en die zuurgraad kunnen we laag houden met stuivend zand.

In kalkarme duingebieden is fosfor goed beschikbaar voor planten en heeft de stikstofdepositie veel meer invloed. Bijkomend effect is, dat in kalkarme duinen de bodem meer vastgelegd wordt door beworteling en bodemleven en de duinen minder goed stuiven. Misschien, eindigt Annemiek haar voordracht, moeten we voor deze gebieden onze doelen bijstellen: in plaats van grijze duinen kunnen we het beheer richten op de in stand houding van duinheiden?

Marc Janssen

Een en ander neemt niet weg dat beheersmaatregelen helpen, uit montering en onderzoek blijkt dat de variatie in de vegetatie en de fauna rond de stuifkuilen duidelijk toeneemt en dat men daarmee door moet blijven gaan. Al in de inleiding van Marc Janssen, directeur van Duinbehoud, hoor ik de nuance, die door alle sprekers wordt genoemd. Natuur verandert. Dat is een gegeven. Of zoals Dick Groenendijk het verwoordt ‘Accepteer hoe het landschap erbij ligt, maar blijf ook bezig met het inspelen op veranderingen.’

Zowel Marc als Piet Jonker, voorzitter van Duinbehoud, pleitten voor een robuuste natuur, die voor zichzelf zorgt. Ik hoor bij alle sprekers een ecologische visie: laten we ons niet te veel richten op het behoud van een zeldzame plant, maar meer op een heel ecosysteem.

In de veertig jaar dat Stichting Duinbehoud nu bestaat zijn er veel successen geboekt, maar alle sprekers zijn het erover eens dat er nog genoeg te doen is voor Duinbehoud. Want, zegt de voorzitter, de druk is groot. Naast de stikstofproblematiek vormt de toenemende recreatiedruk ook een bedreiging. Los dat op door de natuur letterlijk meer ruimte te geven. Hoe meer steun er is voor het aanpakken van die problemen, hoe beter.

Winnende foto Dag van de duinen 2021 van Inge Kampen
Winnende foto Dag van de duinen 2021 van Inge Kampen

Tussendoor gaf Hans Sibbel, cabaretier, ons op zijn eigen wijze een beeld over de gevolgen van de teruggang van biodiversiteit en aan het eind van de bijeenkomst deelde Jos Lap ons mee wie de winnaar geworden was van de fotowedstrijd. De foto van Inge Kampen was unaniem door de jury als mooiste foto gekozen.

Wil je meer weten over dit symposium, kijk dan naar het videoverslag dat op ons YouTube kanaal te zien is. De winnende foto komt in het winternummer van Duin.

Annelies Boutellier

Gerelateerde berichten

Evolutie: bekend van Darwin, uit onze leefwereld. Maar ook in de taal vindt evolutie plaats, althans, in levende talen. Het product van malen, dat heet meel (geen hotmail). Vliegen-spreken-doen geeft vlucht-spraak-daad. Het product van graven, én ervan afgeleid: graf, gracht, greppel, groef, groeve, en indirect via het Frans gravure.
Door smeltend landijs is de zeespiegel aan het stijgen. Om ons land veilig te houden deponeren grote baggerschepen jaarlijks miljoenen kubieke meters zand op en voor de Nederlandse kust.
Wij zijn op zoek naar een enthousiaste en betrouwbare financieel medewerker. De tijdsbesteding die we van je verwachten is gemiddeld twee tot vier uur per week.